Wednesday, January 28, 2009

Over Kuifje en verzamelen 2.0

Het is me wat. Ik heb mijn eerste Kuifje gekocht. Jaja, u leest het goed; een Kuifje. Als kleine jongen heb ik ooit mijn eerste Kuifje gelezen: "De scepter van Ottokar". Ik moet zo'n acht jaar oud geweest zijn. Het leek me maar niks. Te leeg, teveel tekst, niet genoeg actie. Ik was natuurlijk opgevoed met Sus en Wis, Nero en Asterix. Daar gebeurde zoveel op elke pagina dat je soms niet wist waar eerst kijken. Een klap werd vergezeld van zes onomatopeën en een karrevracht sterren. Neen, dat gedoe met die rechthoekige tekstbalonnen en die regenjassen en hoeden, het zei me niks. Dus kreeg Kuifje in gedachten het stempel "ongeschikt voor consumptie" mee.

Uiteraard ben ik geen acht meer. Ondertussen zijn we al 20 jaar lang rond de oren geslagen met Tintinofilie. Dat hielp niet. Ik ben allergisch aan hypes. Ik voelde me wel schuldig. Als Kuifje ter sprake kwam, en dat doet hij nogal vlug als het over strips gaat, placht ik nogal met een zeker dedain te zeggen: "Ach, Hergé was een genie, maar zijn strips zijn me te steriel, ze zijn wat zielloos" Alles maar beter dan toe te geven dat ik eigenlijk niet zo vertrouwd ben met Georges Remi zijn oeuvre.

Stel je voor, een filmliefhebber die Scorcese zijn films niet kent, een dramaturg die Shakespeare alleen maar van horen zeggen kent, een bergbeklimmer die de Mont Blanc een overroepen molshoop vindt.

In de Colruyt, of all places zagen we echter een niet al te dure, leuke uitgave van Kuifje. Hardcover, lekker klein. Perfect. Ik heb me de eerste gekocht: Kuifje bij de sovjets. En zal ik u iets zeggen? Het is bijlange na niet slecht. Ok, sommige dingen staan nog niet op punt: de plot is té comedy capers, Bobby zijn mond is ronduit knudde getekend, en Kuifje rent het hele verhaal van hot naar her in Rusland en ontmoet enkel rotzakken. In héél Rusland geen enkele sympathieke Rus ontmoet. Om het met de woorden van een andere strip-grootheid te zeggen: Nou moe!

Maar: de klare lijn bevalt me. Ik denk dat ik er niet klaar voor was, voor mijn eerste Kuifje, toendertijd.

Om een lang verhaal kort te maken; Stelselmatig zal ik ook Kuifjes toevoegen aan de collectie, maar enkel tot en met deel 23, de Alfa kunst en dan is het gedaan. Niks voertuigen, beeldjes, speciale verzameledities, briefpapier, condooms, raketten, mp3 spelers, badges, paraplu's, je noemt het maar op. 24 delen, in hardcover (Kuifje bij de sovjets is een nulnummer, vandaar). Schluss. Hebben we dat ook weer gehad.

And now for something completely different.

Deze middag had ik een date. Een blind-date. Met een man. Jup. In het Centraal Station te Brussel. Ik ging daar echter niet om mij tot de herenliefde te bekeren, maar omdat ik een verzamelaar bereid vond me een aantal Biebels aan een schappelijke prijs te verkopen. En hoe heb ik deze man leren kennen? Daar zit het hem net. Online. Op een messageboard voor stripverzamelaars. Dus niet uren snuffelend in bakken, maar gewoon elkaar heen en weer mailen, prijs, uur en plaats afspreken, en hup: kat in het bakkie. Dat heet dan verzamelen 2.0

Ch-Ch-Check it out:













Sunday, January 25, 2009

Al jaren (inderdaad, deze blog bestaat al enkele jaren) zaagt mijn vrouw me de oren van de kop: "Waarom speel je niet in op de actualiteit met je cartoons?"


Daar is een goede reden voor; omdat ik, en hou je vast, want dit gaat arroganter klinken dan u verwachtte, ik wil tijdloze cartoons maken.


Daar bedoel ik dan mee dat ze binnen tien jaar nog even grappig zijn als nu. Wie maalt er binnen een maand nog om de laatste cd van Belle Perez, of wie de "Slimste mens van de wereld" wint?


Maar deze kon ik niet laten liggen. Wat vindt U ervan, beste beeldbuiskijker?


(En nu maar hopen dat ze niet sterft voor mijn cartoon online gaat. Want dan moet ik een nieuwe tekenen...)

Sunday, January 11, 2009

A-whole-lotta-comics

Het jaar 2009 is voor Lebbercherrie het jaar dat de kaap van 600 strips genomen werd. Niet in het minst dankzij een kleine vlaag van koopwaanzin, verspreid over de Koeritza en de Hermelijn.


Nooit gedacht dat ik deze nog in nieuwstaat en in eerste druk ging vinden! Big Bunny, het deel 8 uit de reeks Pin-up. Toch leuk, zo een reeks opeenvolgende nummers te zien op de ruggen van je strips? Hiermee is de reeks Pin-up, een onverholen eerbetoon aan Milton Caniff, up to date.

Dick Matena heeft veel strips getekend, de ene al genialer dan de andere. Gewoon blindelings vertrouwend in zijn naam als kwaliteitslabel pikte ik van hem Het Web op uit de tweedehandsbakken. Heb hem nog niet gelezen, dus mijn oordeel moet ik u (voorlopig) schuldig blijven.De reeks Biebel is weer enkele aarzelende schuifelpasjes richting voltooiing geschoven, door deze twee aanwinsten waarvoor ik vooral voor Mafkees al een aardig prijsje mocht betalen. Wie ooit alle Biebels gekocht heeft toen ze uitkwamen, kan misschien uiteindelijk nog rijk worden. Het zal allessinds meer opbrengen dan Fortis-aandelen. U kan ze me ook schenken, dat spreekt voor zich.

Virus was dan aanzienlijk goedkoper, maar is dan ook veel recenter in uitgave.
Beide zijn tweedehands, beide zijn eerste druk, en beide zijn zéér, zéér gestoord. Lekker dus. Vooral de kaft van Mafkees is een van de grappigste die ik in lange tijd aanschouwd heb.
De enige Hara Kiwi die ik nog niet had vond ik in nieuwstaat; ik weet ook niet waarom ik hem nog niet had, maar er is zoveel dat ik niet weet. Wat zwarte materie is, bijvoorbeeld, of waar het woord Ponderosa vandaan komt, of wie de eierwekker heeft uitgevonden. Niet dat Lectrr hier per se de juiste antwoorden op heeft, maar het zouden toch interessante antwoorden zijn. Altijd goed, en altijd lachen.
Gedaan met lachen, ruim baan voor Crumb. Zijn "Waiting for food" reeks is dan niet echt een strip, maar Crumb mag niet ontbreken in mijn collectie, en deze zijn betaalbaar en leuk. Dit is het tweede deel van een trio boekjes waarin men tekeningen van Crumb die hij op placematjes op restaurant tekende, verzameld heeft. Als u niet weet wie Crumb is, gelieve dat voor u te houden en daar snel iets aan te veranderen.
Effe dacht ik dat ik een tweede Crumb scoorde met deze Cycloman. Heel effe maar, want het is duidelijk een veel minder getalenteerd tekenaar die hier aan het werk is geweest. Een zekere Marver. Geen nood, ik had er ook nog nooit van gehoord. Wat opzoekwerk later bleek het een oude nom-de-plume te zijn van Marc Verhaegen, die ooit Boes tekende en nu Suske en Wiske. Hij tekende dit in de jaren tachtig, duidelijk schatplichtig aan Crumb, maar ik zie er ook de milde anarchie van Nero in terug en besluit dat het een zeer leuke strip is, al zit hij vol slordigheden. En hij blijft entertainend, al gaat het over iets dat mij nu eens geen bal interesseert: wielrennen. Belgische underground uit de jaren tachtig, zie je nu wel dat het bestaat!
Je kan je kerstvakantie op zeer leuke manieren spenderen. Door bijvoorbeeld
dit prachtige boek te lezen dat ik voor nieuwjaar van vrouw en kinders cadeau kreeg: "100 stripklassiekers" door Geert De Weyer.
Prachtig geïllustreerd en lekker groot en dik boek, een must voor al wie enigszins begaan is met het beeldverhaal. De Weyer is de man die zowat de stripjournalistiek introduceerde in België, en die in maart een lezing komt geven in het sympathieke Aalst over, u raadt het nooit, de evolutie van de Belgische strip.
De cover verdient ook een vermelding, tjokvol verwijzingen naar allerhande strips. Marvellous.


In een ideale wereld zou de stripreeks Peter Pan verplicht leesvoer zijn op school. Geloof me, zet al je vooroordelen die je tegenover Peter Pan zou kunnen hebben opzij, haal de reeks in huis van de plaatselijke bib, zet een lekker potje twee, schuif in de zetel en neem deel na deel tot u. U zal me dankbaar zijn. Optioneel; een zakdoek. Voor de traantjes. Snif...
Gered uit een bak tweedehands. Ik voel me haast superman. Oh ja, en vergeet alles wat Disney met Peter Pan heeft uitgespookt heeft, dit is stukken beter.

Gisterenavond verscheurde ik met een bulderlach die mezelf ook verraste de peis en vree die in de woonkamer van Chateau Lebbercherrie heerste. De bron van al dit plezier: Little Kevin, en meerbepaald de gag met het fruitkraam op de nudistencamping. Meesterlijk getekend, goede grappen, en een mooie uitvoering. Little Kevin is ooit al eens op de Nederlandstalige markt gelanceerd, onder de titel "Litteul Kevin" in 1995, (die ik uiteraard ook heb), maar deze herneemt de reeks zoals ze in Frankrijk uitkwam (bij Fluide Glacial!). Liever 1 van deze strips dan 20 Rooie Oortjes.


De fantastische rondvaart is geen goeie reeks, en dit deel is zwakker dan het andere dat we al kochten, maar we hebben ons nu eenmaal voorgenomen om zoveel mogelijk van Rosinski te verzamelen, en bij Franquin nog aan toe, dan doen we dat dan toch zeker! Op mijn opnieuw tweedehands exemplaar hing een gigantische sticker: "nu maar 87 fr!" Wat het afdoende dateert.